PLASTISCHE
OPVOEDING

Cursus 1ste graad - marc vanderpoorten 2002 ©








We spraken reeds over het licht. We zagen dat het licht samengesteld is uit verschillende golflengten en dat iedere golflengte overeenkomt met een kleur. Buiten de zon spraken we ook over het oog. Het oog is voor het zien een zeer belangrijk instrument. Indien men het licht dooft ziet men niets. Is er licht maar we sluiten onze ogen dan zien we evenmin iets. In normaal licht zien we gewoon, is er weinig licht dan zien we minder.


Het oog

Het oog is een zintuig dat werkt zoals andere zintuigen, het ontvangt een prikkel en het geeft deze door naar onze hersenen om daar verwerkt te worden. Dat noemen we zien. Wij moeten dus iets opvangen met het oog. Het licht van de zon valt op onze omgeving, deze omgeving, de voorwerpen weerkaatsen het licht en dat gereflecteerd licht valt op ons netvlies. Dus zonder reflectie, geen beeld. Zonder licht, geen beeld. Is er geen licht of sluiten we onze ogen dan zien we geen beeld.

    Opbouw van het oog

    De constructie van het oog wordt besproken tijdens de lessen Biologie en Fysica, maar er zijn wel enkele onderdelen die zeer belangrijk zijn bij de lessen van Plastische Opvoeding en beeldende vorming.

    • Diafragma
      Het oog kan de lichtinval regelen met de pupillen, (diafragma) Is er veel licht dan verkleinen de pupillen, ze trekken samen. Is er te weinig licht dan worden de pupillen groter, de pupillen zijn het zwart gedeelte van onze ogen. Je kan ze vergelijken met een waterkraan, wil je meer toevoer dan zet je de kraan open. Wil je minder dan ga je de kraan dichter draaien. ( Zie ook bij sommige types van fototoestellen ).


    • Kegeltjes en staafjes
      Een normaal oog kan een 7 500 000 verschillende kleuren ontvangen. Daarvoor zijn er 2 verschillende ontvangers. ( Receptoren ) Deze bevinden zich op ons netvlies. We noemen ze kegeltjes en staafjes.

      Kegeltjes
      Deze receptoren zijn in de vorm van kegeltjes en zijn verantwoordelijk voor het zien van kleur, ze zijn kleurgevoelig. Om te onthouden: denk aan de K. ( Kleur en kegeltjes beginnen allebei met een K ) ! Zo hebben we in ons netvlies, op een doorsnede van 1 mm. 6 000 000 kegeltjes die ofwel gevoelig zijn voor rood, groen of blauw licht. ( In de volgende les iets meer over deze kleuren.)

      Staafjes
      Rond de kegeltjes liggen er 125 000 000 staafjes; ( de overgang tussen kegeltjes en staafjes gebeurt geleidelijke aan de rand van de kegelzone ). De staafjes zijn verantwoordelijk voor de tonen. ( Tonen zijn waarden die liggen tussen licht en donker). Door de samenwerking van deze twee ontvangers is het mogelijk om het gamma van kleuren, tonen en tinten te onderscheiden.


Lichtwerking en kleur

Indien er nu weinig licht aanwezig is, kan er ook maar weinig licht weerkaatst worden, zo krijgen wij weinig licht op ons netvlies, waardoor de omgeving en de kleuren donker lijken te zijn. Bij heel weinig licht wordt de functie van de kegeltjes uitgeschakeld, ze zijn te ongevoelig voor het te weinig licht.
( Schemerlicht ). De staafjes zijn zeer gevoelig en reageren nog bij schaars licht. We nemen dan nog alleen toonwaarden waar.


De kleur van een voorwerp

Wij hebben reeds gezien dat het oog licht ontvangt dat door voorwerpen wordt weerkaatst. Laat ons dan eens zien hoe het komt dat een bol rood ziet.
Het zonnelicht bevat verschillende golven, kleuren. ( Denk aan het prisma.)
Het witte licht valt op het voorwerp en dat weerkaatst alleen de rode kleur. Deze kleur wordt door ons netvlies aan de hersens als signaal doorgegeven, en wij herkennen de rode kleur. Wat gebeurt er dan met de andere golven, of kleuren? Deze worden opgenomen, geabsorbeerd door het voorwerp en omgezet in warmte.

    Wit

    Indien het licht op een zuiver wit oppervlak valt dan worden alle stralen, golflengten, kleuren weerkaatst. Wat bewijst dat wit hier geen kleur is, maar het weerkaatsen van alle kleur inhoudt.


    Zwart

    Als het licht op een zuiver zwart vlak valt dan wordt er geen licht weerkaatst, maar alles wordt geabsorbeerd, opgenomen en omgezet in warmte. Het verschil tussen een witte en zwarte auto in de zomer en in de volle zon bedraagt al snel meer dan 10 graden. Zwart is evenals wit geen kleur. Zwart is het ontbreken van alle weerkaatsing, van alle kleur.


    Verf

    Verf is een samenstelling van meerdere stoffen. De 2 voornaamste stoffen zijn: het bindmiddel en de pigmenten. De bindstof zorgt ervoor dat de verf bewerkbaar, uitstrijkbaar is. De naam geeft aan welke soort verf we hebben. Zo kennen we: waterverf, latexverf, acrylverf, olieverf...



    Het pigment zijn kleine korreltjes of brokjes die verantwoordelijk zijn voor het weerkaatsen van de lichtstralen die wij moeten zien. Zo zullen rode pigmenten verantwoordelijk zijn om het rode licht te weerkaatsen, witte pigmenten om al het licht te weerkaatsen, zwarte pigmenten om geen licht te weerkaatsen.