Over ons Blog Contact
blog

De Breinvraag: “Ik wou geen black-out”

Bron: Jan T'Sas, het ZinTuig

“Als ik vijf kenmerken van iets uit het hoofd moest leren, vormde ik een woord met de beginletters”, vertelt handelsingenieur Pieter Van der Borght (24). Studeren heeft hij meer dan genoeg moeten doen.
“Meestal zocht ik de logica binnen de leerstof. Met inzicht leerde ik beter. Puur van buiten blokken deed ik veel minder, daarmee riskeer je sneller een black-out op het examen.”
Om handelsingenieur te worden, moet je vijf jaar studeren aan de unief.

image


Heb je daar veel uit het hoofd moeten leren? Wat was dat zoal?
Pieter Van der Borght: “Absoluut. Vooral in de eerste bachelorjaren hadden we veel echte ‘blokvakken’: van algemene vakken zoals psychologie en sociologie tot de meer economische vakken zoals micro-economie, macro-economie ... Dat was niet allemaal louter theorie, we moesten ook oefeningen maken. Maar over het algemeen overheerste de theorie wel. Daarnaast hadden we wetenschappelijke vakken als fysica en chemie. Daarvan moet je de begrippen kennen, maar op het examen kwam het er vooral op aan vraagstukken te kunnen oplossen.”

Vond je al dat blokken leuk of leerde je liever op een andere manier?
Pieter Van der Borght: “Leuk is een groot woord. Ik denk dat maar weinig mensen graag grote blokken theorie in korte tijd uit het hoofd leren. Tijdens mijn eerste masterjaar ben ik vier maanden in Canada gaan studeren met een studiebeurs. Daar pakken ze de dingen helemaal anders aan: veel meer praktijkgericht, veel meer cases uit het dagelijks leven, stevig uitgediept ook. Daardoor moest ik een pak minder leerstof verwerken: iets wat een Belgische professor in vijftien minuten uitlegt, daar besteedt een Canadese professor een of twee lessen aan. Het is een keuze die leraren en professoren moeten maken: veel theorie eerder oppervlakkig laten leren of weinig theorie meer inzichtelijk doen leren. Het tweede vond ik in elk geval interessanter.”

Wat vond je het lastigste om te leren? En wat het makkelijkst?
Pieter Van der Borght: “Het lastigste waren de slecht geschreven cursussen. Veel professoren schrijven hun cursussen zelf en de ene is daar al beter in dan de andere. Soms zit daar een cursus tussen vol zinnen van vijf regels lang met onduidelijk taalgebruik. Nee bedankt, zeg ik dan. Om zo’n cursus te leren moest ik hem bijna volledig herschrijven aan de hand van notities en een heleboel ontcijferwerk. Erg lastig. Het gemakkelijkste om te leren waren de zaken die ik goed begreep. Inzichtelijk leren is altijd het beste, dat onthoud je gewoon beter.”

Hoe pakte je dat aan? Had je geheugentrucs?
Pieter Van der Borght: “Trucs had ik niet echt. Ik probeerde altijd de logica van de leerstof in te zien in plaats van alles louter te memoriseren. Van puur uit het hoofd leren krijg je sneller een black-out op het examen. Dat wou ik natuurlijk niet. Maar af en toe gebruikte ik wel ezelbruggetjes. Als ik bijvoorbeeld een lijstje van kenmerken moest kennen, vormde ik een woord met de eerste letter van elk kenmerk.”

Een prof zei ooit: “Je moet mijn cursus drie keer studeren om hem er echt in te pompen.”
Pieter Van der Borght: “Als je je cursus voor de eerste keer open slaat en van nul moet beginnen, dan denk ik zelfs niet dat drie keer genoeg is. Maar als je de stof al een beetje begrijpt en heb je alles tijdens het jaar goed bijgehouden, dan klinkt dat al een pak realistischer. Maar dan nog kun je dat niet veralgemenen. De ene student leert nu eenmaal makkelijker dan de andere.”

Heb je zaken gestudeerd die je de volgende dag meteen weer vergeten was?
Pieter Van der Borght: “Zeker. Dat waren vooral de bijvakken die mij niet echt interesseerden. Zo denk ik weer aan psychologie en sociologie. Omdat die vakken me minder boeiden, leerde ik ze uit het hoofd, meer niet. Veel herinner ik me er dan ook niet meer van.”

Is het nodig dat we zoveel uit het hoofd moeten leren op school en in hogere studies?
Pieter Van der Borght: “Je hebt altijd wel parate kennis nodig, ook al vind je tegenwoordig alles op het web. Maar of al dat ‘van buiten blokken’ zo effectief is, betwijfel ik. Zelf ben ik al enorm veel vergeten, zeker van de minder belangrijke vakken. Tegelijk leer je wel grote hoeveelheden nieuwe stof efficiënter verwerken. Je wordt daar beter in. Op school denk ik dat je geheugenwerk moet bekijken op basis van wat het doel is: moeten leerlingen vlot informatie kunnen opnemen of moeten ze daar vaardig mee kunnen omspringen? De twee waarschijnlijk, maar ik weet niet of elke leraar daar zo over denkt.”

Geheugenonderzoek stelt dat je kennis van jaren geleden binnen de tien minuten weer opgefrist hebt. Denk maar aan wiskunde uit het secundair onderwijs. Mee eens?
Pieter Van der Borght: “Goh, gedeeltelijk wel. Veel hangt volgens mij af van de mate waarin je die leerstof verwerkt hebt. Leerstof uit vakken als algemene economie, boekhouden of basiswiskunde kan ik persoonlijk vrij snel opfrissen. Maar als ik terugdenk aan een vak als thermodynamica, een echt buisvak in mijn opleiding, dan is dat een ander paar mouwen.”

Gepost door Kathleen in blog

Tags:

Laatst aangepast op 20 juni 2014


Reacties

Reageer

Share