Over ons Blog Contact
blog

Hoe zorg je ervoor dat je minder snel vergeet wat je leert?

Bron: Jan T'Sas, het ZinTuig

Vergeten bestaat niet, nee? Wat herinner jij je nog van de vakken die je kreeg toen je veertien was? Wiskunde, geschiedenis, aardrijkskunde … Het ene oor in, het andere uit. Maar is dat wel zo? Volgens recent onderzoek onthouden we alles, echt alles. Maar ons geheugen is niet zo goed georganiseerd en daardoor vinden we die kennis niet zo gemakkelijk terug. Vergeten? Bestaat niet! Hoe werkt ons geheugen precies?


We hebben verschillende soorten geheugen en die doen allemaal hun eigen werk.

Met ons sensorisch geheugen pikken we informatie op: een woord, een klank, de foto van je lief, de klap op je hoofd. Die informatie blijft heel even hangen. Is ze zinvol, dan houdt ons werkgeheugen of kortetermijngeheugen ze vast en verwerkt ze.

Ons werkgeheugen kan ongeveer zeven elementen aan: cijferreeksen (denk maar aan een telefoonnummer), de woorden van een zin, posities op een schaakbord, delen van een foto. Dat cijfer zeven gebruiken we bijna onbewust. Als je een foto van een stad te zien krijgt en men vraagt je ‘Is dit Brussel?’, dan zullen je ogen naar een zevental punten op de foto gaan voor je antwoordt. In taal is het net zo: de gemiddelde zin in een gesprek is zeven woorden lang (of veelvouden daarvan)…

Het werkgeheugen versluist de informatie naar ons archiefgeheugen of langetermijngeheugen. Als we de informatie daaruit nodig hebben, schakelen we opnieuw ons werkgeheugen in. Dit hele mechanisme wordt gestuurd door ons prospectief geheugen, dat is de orkestmeester. Hij ordent, selecteert en stuurt. Als je moeder je vraagt om een brood of een SIM-kaart mee te brengen van de winkel, dan zorgt je prospectief geheugen ervoor dat je dat doet. Als je het niet vergeet tenminste…

Leren we altijd op dezelfde manier?
Nee, je kunt niet alles op één manier leren. Een voorbeeld: de kinderen van de lagere school gaan met de juf naar het bos en plukken bladeren. Ze ervaren dingen (episodisch of autobiografisch archiefgeheugen). Vervolgens vraagt de juf aan de kinderen om die bladeren te rangschikken volgens vorm. Dat is een vaardigheid (proceduraal archiefgeheugen). Dan vertelt de juf over de verschillen tussen de bladeren. Het kennisniveau (het semantisch archiefgeheugen). Bij elke stap in dit leerproces maken de hersenen van de kinderen sprongen en vormen ze nieuwe netwerken: dat is leren. Maar ons geheugen slaat al die informatie niet in één keer op. Daarom zullen leraren op school vaak leerstof herhalen.

Wat is de beste methode om op die manier te leren?
Dat doe je het best op verschillende manieren. Je leert geen Spaans door enkel grammatica en woordenschat te leren, door enkel naar Spanje te gaan, door enkel Spaanse zinnen na te praten in het taallabo of door enkel een taalcursus te volgen op je pc. Alles moet in het pakket zitten en voortdurend worden herhaald. Er bestaat géén absolute of eenzijdige leertechniek. Maar mensen hebben wel eigen leerstijlen, favoriete manieren van leren. De een leert graag eerst theorie, de ander vertrekt liever van een toepassing. De een leert beter door leerstof te lezen, de andere leert graag hardop, nog een ander maakt schema’s. Dat moet je voor jezelf uitzoeken.


En hoe zit het met het vergeten? Klopt het dat we alles onthouden maar dat we het alleen niet goed terugvinden in ons geheugen?
Ons langetermijngeheugen zou inderdaad een gigantische databank zijn waaruit niets verdwijnt. In die zin vergeten we ooit niets. Maar in de praktijk is dat natuurlijk wel zo. Heel bekend is op dat gebied de klassieke vergeetcurve van de Duitse leerpsycholoog Herman Ebbinghaus (1850-1909). Ebbinghaus liet proefpersonen een reeks willekeurige klanken, zogenaamde zinloze lettergrepen uit het hoofd leren. Daarna ging hij na hoe lang de proefpersonen die dingen onthielden.
Ebbinghaus ontdekte wat iedereen wel wist: wat we vlak na het studeren heel goed kunnen reproduceren, vergeten we gaandeweg. Maar Ebbinghaus ontdekte ook dat we niet alles vergeten. Het is dus niet zo dat we ons op de duur totaal niets meer herinneren van wat we geleerd hebben. Het vergeten verloopt eerst vrij snel, daarna eerder vlak. We vergeten ook veel minder snel als we leerstof geregeld herhalen.
Hoe dan ook, na dertig jaar weten we nog altijd iets van wat we ooit geleerd hebben. Daarom is kennis vaak snel weer opgefrist. Wie 30 jaar geleden goed was in wiskunde, heeft niet veel uitleg nodig om meteen weer te weten hoe het zat met integralen, limieten en functies. En er is nog iets: ‘zinloze’ dingen vergeten we veel sneller dan zinvolle informatie. Het klopt dus dat leerstof zomaar uit het hoofd leren zonder inzicht het ene oor in gaat en het andere weer uit. Ten slotte is er een verschil van persoon tot persoon: sommige mensen vergeten minder snel informatie die visueel aangeboden wordt (tekst, film, foto’s …), andere onthouden dan weer beter informatie die ze te horen krijgen.


Hoe zorg je ervoor dat je minder snel vergeet wat je leert?
- maak de leerstof zo zinvol mogelijk voor jezelf: eerst begrijpen en verbanden leggen, dan pas inprenten;
- als je veel losse informatie moet leren (bv. woordjes of cijfers), geef die dan een context: maak er een zin van of een verhaaltje;
- leer hardop als je goed onthoudt door te luisteren, maak schema’s als je goed visueel leert;
- doe niet alles tegelijk: beter vier keer een kwartier op een dag iets leren dan één keer een uur aan een stuk;
- herhaal je leerstof: de eerste keer doe je dat kort na het inprenten, de tweede keer wacht je wat langer enz. Leerstof die je herhaalt blijft veel langer hangen.

image

Gepost door Kathleen in blog

Tags: geheugen

Laatst aangepast op 20 juni 2014


Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Reageer

Share